Maak een cadeau persoonlijk met een zelfgeborduurd kaartje. Voeg een naam, initialen of symbool toe voor een unieke touch. Benodigdheden zijn onder andere borduurgaren, een stompe naald en een gaatjessjabloon. Volg de stappen zorgvuldig voor een mooi eindresultaat en werk af met plakband voor een nette afwerking.
Kruissteek- of Borduurpatroon Kartonnen cadeaukaartje Borduurgaren Stompe borduurnaald Gaatjessjabloon Potlood Gum of stukje vilt Priem of scherpe naald Digitale patronen leer borduren Gaatjessjabloon Stap voor stap
Volg de stappen rustig op volgorde. Zo blijft je project overzichtelijk en krijg je een mooier eindresultaat.
Leg het cadeaukaartje plat op een stevige ondergrond. Gebruik het gaatjessjabloon om een raster aan te brengen. Dit zorgt dat je patroon netjes en recht uitkomt.
Leg een gum of stukje vilt onder het kaartje en prik de gaatjes voorzichtig voor met een scherpe naald of priem. Zo beschadig je het karton niet.
Plak de draad met een klein stukje plakband aan de achterkant van het kaartje vast. Dit voorkomt dat je steken loskomen tijdens het borduren.
Borduur de gekozen letter, naam of symbool netjes binnen het raster. Werk rustig en let goed op dat de draad niet te strak of te los zit.
Als je klaar bent, knip je de draad af en plak je het uiteinde vast met een klein stukje plakband. Voor een mooie afwerking kun je nog een extra kaartje of stukje papier over de achterkant lijmen, zodat de achterkant er netjes uitziet.
Gebruik metallic garen of glitterdraad voor een feestelijke touch. Maak bijpassende geborduurde labels voor meerdere cadeaus in hetzelfde thema. Voeg kleine kraaltjes of knoopjes toe voor extra detail en textuur.
Bij een geborduurd cadeaulabel zie je de achterkant sneller dan bij stof. Plak losse draadjes daarom netjes af met een tweede kaartje of een stukje mooi papier. Dat maakt het label steviger en geeft meteen een verzorgde afwerking. Gebruik niet te veel draadjes tegelijk. Papier kan sneller scheuren d…
Je hebt een kruissteek- of borduurpatroon, een kartonnen cadeaukaartje, borduurgaren, een stompe borduurnaald, een gaatjessjabloon, een potlood, een gum of stukje vilt, een priem of scherpe naald nodig.
Leg een gum of stukje vilt onder het kaartje en prik de gaatjes voorzichtig voor met een scherpe naald of priem. Dit voorkomt beschadiging van het karton.
Bevestig de draad met een klein stukje plakband aan de achterkant van het kaartje. Dit zorgt ervoor dat de steken niet loskomen tijdens het borduren.
Gebruik metallic garen of glitterdraad voor een feestelijke touch. Je kunt ook kleine kraaltjes of knoopjes toevoegen voor extra detail en textuur.
Plak losse draadjes netjes af met een tweede kaartje of een stukje mooi papier over de achterkant. Dit zorgt ervoor dat de achterkant er net zo netjes uitziet als de voorkant.